(Afbeelding: Hermaphroditus wordt verleid door de nimf Salmacis)
De Liefde!
Astrologen kijken naar Venus als het over liefdesaangelegenheden gaat. In de mythologie verschijnt Aphrodite (later: Venus) al vroeg met kinderen die verschillende aspecten van de Liefde vertegenwoordigen. Haar bekendste spruit is Eros (later ook Cupido en Amor genoemd), vaak afgebeeld als een mollige baby met vleugels, die pijlen afschiet. Maar: de kinderschare van Aphrodite is groter.
Wat leren de liefdesbaby’s van Aphrodite ons over de verschillende aspecten van het Venus archetype?
Eroten: de liefdesbaby’s van Aphrodite
De nakomelingen van Aphrodite worden eroten genoemd, naar eros, de bekendste onder hen. Hun aantal varieert. De eerste vermelding vinden we bij de Griekse dichter Hesiodus (7e/8e eeuw v.Chr.). Hij noemt Eros en Himeros als kinderpaar van Aphrodite. Plato voegt hier Photos aan toe en schept hiermee een soort drie-eenheid. Latere dichters en kunstenaars voegen nog meer eroten toe. Zoals Anteros, Hedylogos, Hermaphroditus en Hymenaeus. Ze vervullen uiteenlopende functies in dienst van Aphrodite.
In de wijze waarop de kinderen van Aphrodite worden verbeeld, zien we terugkerende thema’s. Zo zijn ze vaak gevleugeld, een verwijzing naar hun geestelijke herkomst en vermogens. Ze zijn vaak jong (baby of jongeling), een verwijzing naar hun onschuld, maar ook naar groei. Meestal zijn ze naakt, een verwijzing naar natuurlijkheid en puurheid van hun werk. Ook schoonheid is een terugkerend thema: de eroten zijn vaak beeldschoon. De verbinding tussen schoonheid en liefde is een oude: Plato (5e eeuw v.Chr.) merkte hierover op dat aardse schoonheid de ziel herinnert aan de goddelijke realiteit waaruit deze afkomstig is. De reactie van de ziel op het waarnemen van schoonheid is, dat deze zich ermee wil verbinden.
Astrologische duiding van eroten
De eroten spelen als groep geen rol in de astrologische duiding. Individuele eroten, vooral Eros, komen we soms wel tegen. Eros wordt bijvoorbeeld geduid als pars en meer recent ook als asteroïde.
We zullen vijf van de zeven eroten die hiervoor genoemd werden, bespreken als specifieke uitwerkingen van het Venus-archetype. Hedylogos (god van de lieflijke woorden) en Hymenaeus (god van het huwelijkslied) laten we buiten beschouwing, omdat de mythologie of de verbinding met Aphrodite hier minder sterk is.
De kosmische Eros: schepper van nieuw leven
Voordat Eros opduikt als kind van Aphrodite, spreekt Hesiodus in zijn Theogonie (7e eeuw v.Chr.) al over de god Eros als één van de fundamentele krachten in de schepping. Deze god, zo wordt uit veel verhalen duidelijk, vertegenwoordigt een oerkracht die dwingend en onvermijdelijk is, en waaraan mensen en zelfs goden onderworpen zijn.
Eros is de mooiste onder de onsterfelijke goden. Hij verzwakt de ledematen en is krachtiger dan de geest en wijze raad van alle goden en alle mensen
(Hesiodus, Theogonie, vrij vertaald)
De oerkracht van Eros komt er huiselijk gezegd op neer dat hij bij elkaar brengt wat door de schepping werd gescheiden en zo nieuw leven schept. In populaire vertalingen wordt deze Eros vaak de god van de voortplanting genoemd, maar Eros reduceren tot dé daad lijkt een grove versimpeling van het archetype. De oerkracht die hier beschreven wordt, duidt erop dat er in de schepping een geestelijke wet werkzaam is, die verenigt wat gescheiden is en aan deze wet is de individuele wil van mensen en zelfs die van goden ondergeschikt. Dit is de wet van liefde.
Eros als kind: de krachtige pijl in het hart
Wanneer Eros als kind van Aphrodite opduikt, zien we dat het archetype zich verbreedt: hier is Eros niet enkel de oerkracht in de schepping, maar het loyale hulpje van zijn moeder en dient hij vooral haar belangen (die niet altijd even zuiver zijn). Het element spel doet zijn intrede in de liefde. Eros vermenselijkt hier.
De jonge Eros is gevleugeld, beweegt zich met de snelheid van het licht hoog door de lucht. Hij gebruikt vuurpijlen of brandende fakkels waarmee hij mensen én goden in vuur en vlam zet en in hen een brandend verlangen doet ontwaken, waartegen geen verweer mogelijk is. De verwijzingen naar vleugels, vuur, licht, snelheid en de niet te beheersen kracht duiden op de grote geestelijke kracht die hierin werkzaam is, net als bij de kosmische Eros.
De symboliek van de jonge Eros is heel breed, wellicht zo breed als die van Venus zelf. Daarom selecteren we één thema: een hulpmiddel waarmee Eros vaak wordt afgebeeld: pijl en boog. Opvallend, want dit hulpmiddel lijkt eerder op een wapen dan op een instrument van liefde.
De dichter Ovidius schrijft in zijn Metamorfosen over Eros: ‘uit zijn boogkoker vol wapens haalde hij twee pijlen met tegengestelde krachten, één pijl die liefde opwekt en één die liefde vernietigt’. We zien hier dat in Eros een duale werking zijn intrede doet: de ene kracht leidt tot leven, de andere tot de dood.
In de symboliek van de jacht komen dood en leven ook samen: een prooi wordt gedood, zodat de jager kan leven. Dit roept de vraag op wat er dood moet om leven mogelijk te maken?
De duale werking van Eros raakt wellicht aan de verhouding tussen geestelijke en lichamelijke aspecten van liefde. Het eerste aspect manifesteert zich in het verenigen van wat gescheiden is. Het tweede aspect manifesteert zich in de bevestiging van afscheiding. Dit laatste kan allerhande vormen aannemen, zoals (bij mensen) de ervaring van afwijzing of vormen van seksualiteit die zelfgericht zijn.
Als het om seksualiteit gaat, zullen veel astrologen Venus beschouwen in combinatie met Mars, waarbij Mars de biologische drijfveer tot voortplanting vormt en Venus door middel van aantrekkingskracht de ‘afgescheiden lichamen’ bij elkaar brengt. Het is denkbaar dat het archetype van Eros zich hier verbreedt tot de samenwerking tussen deze planeten, maar het is ook mogelijk dat we hier naar verschillende niveaus in de werking van Venus kijken. Hoe het ook zij, in veel antieke kosmologie luidt het adagium dat het volgen van de geestelijke wet tot leven leidt en die van de stoffelijke wet tot de dood.
Himeros: het verlangen van het lijf
De oudst bekende broer van Eros is Himeros. Hij was erbij toen Venus uit het zeeschuim geboren werd. Over deze figuur is minder bekend. Plato schrijft in zijn dialoog Cratylus: “de naam ‘Himeros’ (‘verlangen’) is afgeleid van wat de stroming van de ziel het meest aandrijft. Het stroomt met een vaart en hecht zich aan dingen, waardoor het de ziel met geweld meesleurt vanwege de vaart van zijn stroming.”
Himeros wordt geassocieerd met het lichamelijke of seksuele verlangen dat gewekt wordt door de aanblik van aardse schoonheid. Dit verlangen, dat via de ogen wordt geactiveerd, is een onmiddellijke reactie op een prikkel van buiten. Deze prikkel veroorzaakt de sterke stroming in de ziel waarover Plato spreekt.
Pothos: het verlangen van de ziel
Tegenover Himeros staat Pothos, waarvan Plato in dezelfde dialoog (Cratylus) zegt dat dit het verlangen is naar wat afwezig is of wat elders is. In tegenstelling tot Himeros, is bij Pothos sprake van een kracht die van binnenuit komt en naar buiten werkt. Pothos staat o.a. voor het diepe, hevige verlangen naar het onbereikbare. Dit verlangen wordt o.a. geassocieerd met heimwee en de pijn van het afgescheiden zijn.
Hoewel Pothos en Himeros allebei over verlangen gaan, is er een duidelijk verschil aan te wijzen. Het verlangen van Himeros is reactief en wordt opgewekt door iets van buiten. Het kenmerkt zich door vurigheid en opwinding en het manifesteert zich in het moment. Het drukt bij uitstek een lichamelijk verlangen uit. Het verlangen van Pothos is een innerlijke en meer duurzame aanwezigheid naar iets dat er niet is. Dit verlangen kent een meer geestelijk karakter. Voorbeelden zijn het verlangen naar iemand die er niet meer is, maar ook het verlangen van de ziel naar de geestelijke wereld. Pothos is een geestelijke, leven scheppende kracht, die ontstaat uit de ervaring van afgescheiden zijn.
Anteros: wederkerige liefde (of de dood)
Anteros wordt vaak tegenover Eros geplaatst. Waar Eros een aanduiding geeft van de liefde als zodanig of in engere zin heerst over de sensuele liefde, heerst Anteros over de liefde die wederkerig is. Deze god zorgt ervoor dat er rechtvaardigheid bestaat in de liefde, omdat alleen liefde die beantwoord wordt, de betrokkenen bevrijdt van de pijn van afscheiding. Anteros wordt vaak afgebeeld met de vleugels van een vlinder, in de Griekse cultuur het symbool van de ziel, maar ook van transformatie van het lagere naar het hogere. Het is de uitdrukking van een zielsbeginsel bij uitstek.
Anteros als het archetype dat wederkerigheid brengt, is ook de wreker van de onbeantwoorde liefde. Als zoon van Ares (Mars) zien we in dit kind van Aphrodite ook een vernietigende kracht opwellen als de wetten van de wederkerigheid geschonden worden.
In de mythe van Meles en Timagoras heeft de jonge vrouw Meles gespot met de oprechte liefdesgevoelens die Timagoras voor haar koestert. Ze drijft hem de dood in. Anteros twijfelt niet om het hart van Meles vervolgens te vullen met schuldgevoel én met liefde voor Timagoras. De pijn die dit in Meles oproept is zó hevig, dat ze zelf ook de dood verkiest (Pausanius, Beschrijving van Griekenland, 2e eeuw n.Chr.).
Het idee van wraak dient hier om een verstoorde balans te herstellen. Dit kan twee kanten opgaan. In de stof werkend: als de liefde niet (meer) wordt beantwoord, wordt wederkerigheid bereikt door de afwijzende partij ook afgescheidenheid te laten ervaren (Venus kent vele creatieve uitingen hiervoor: iemands auto bekrassen, stalken op internet, etc.). Wraak kan ook een geestelijk doel dienen. Zo wordt de afgescheidenheid van Meles en Timagoras opgeheven doordat beiden de lichamelijke dood sterven. Anteros als wreker laat ons reflecteren op hoe Venus op een dieper niveau verbinding tot stand brengt.
Hermaphroditus: het einde van man (en vrouw)
Hij is een kind van Hermes en Aphrodite. Eerst was hij een jongeman, maar een nimf wordt verliefd op hem en smeekt de goden om hen blijvend te verenigen. Aldus geschiedt en ontstaat wat we tegenwoordig een intersekse of non-binaire persoon noemen, al naar gelang onze focus op de stoffelijke of geestelijke dimensie.
De bekendste mythe van Hermaphroditus komt uit de Metamorfosen van Ovidius (1e eeuw v.Chr.). Deze mythe is diepgaand mysterieus, omdat we enerzijds kunnen stellen dat het Venus archetype hier haar hoogste realisatie vindt: de versmelting en daardoor opheffing van het mannelijke en het vrouwelijke. Tegelijkertijd gaat het hier niet om een vrijwillige versmelting: Hermaphroditus wijst de nimf namelijk af, maar deze verzint een list (door hem te laten baden in een bron) en gebruikt zelfs geweld om zich toch met hem te kunnen verenigen. De versmelting krijgt daardoor iets ongemakkelijks. Na de versmelting verzoekt Hermaphroditus zijn ouders om ervoor te zorgen dat iedere man die na hem de bron in gaat er ‘als half-vrouw en onmiddellijk verzwakt weer uitkomt’. Ook dit roept vragen op: wordt hier een wens tot versmelting geuit of moet de mannelijke concurrentie worden verzwakt?
Hermaphroditus staat traditioneel symbool voor de ontmande of verwijfde man. We kunnen er ook anders naar kijken. We zien in deze mythe een strijd tussen het mannelijke en vrouwelijke aspect, dat door het vrouwelijke aspect wordt gewonnen: vereniging boven afscheiding. Deze overwinning leidt tot een opheffing van het onderscheid tussen mannelijk en vrouwelijk. Dit is -inderdaad- de hoogste manifestatie van Venus. Om dit te bereiken dient er wel een weerstand in het mannelijke beginsel overwonnen te worden. Het is een vrouwelijk beginsel dat dit bewerkstelligt.
Tot slot: Venus onder de motorklap
In de Hermetische wijsheidsleer wordt ergens gesteld dat de mens niet schuldig kan zijn aan zijn begeerten, omdat ze wetmatig zijn: de mens is eraan onderworpen en kan ze slechts ondergaan. De mythes over de eroten maken niet alleen duidelijk hoe wetmatig, maar ook hoe diep geestelijk deze krachten zijn. Zo diep, dat we zelfs in de ogenschijnlijk vernietigende kracht van de wraakzuchtige Venus nog een verbindend en leven scheppend element kunnen ontdekken. Daarvoor moeten we wel verder kijken dan wat onze ogen zien: Venus werkt overduidelijk ‘onder de motorkap’ van het zichtbare leven.
Bronnen
Voor de beschrijving heb ik gebruik gemaakt van teksten die beschikbaar zijn in het ‘Theoi Project’ (https://www.theoi.com/). Deze website bevat bronteksten uit de (voornamelijk) Griekse mythologie.

